Mensen, mensen mensen...
Ja,
eindelijk schiet hem een zet in gedachten. Zijn hand zweeft boven het bord,
naarstig op zoek naar een stuk. Eindelijk heeft hij er één gevonden. Zijn hand
zweeft boven het stuk, tóch nog niet zeker wat te doen. Uiteindelijk pakt hij
het stuk beet en onder het slaken van een zucht, gepaard gaande met de
opmerking: "ik weet niet of het goed is." zet hij het op het veld van
bestemming en brengt zijn tegenstander in grote moeilijkheden.
Zoals
iedereen natuurlijk door heeft, wordt hier de manier van schaken van Krijn van
der Wende beschreven. Er zijn best veel schakers die zo hun eigenaardigheden
hebben die als ze een zet moeten doen, zeker als het een goede is!
Denk
maar een aan Arie Baas: Tjo, tjo. Ja, jo. Hè verdikkie. Tjonge jonge zeg. Nou
ik doe het toch maar, we zien wel wat er van terecht komt." Als zijn
tegenstanders dit zien gebeuren kunnen ze maar beter gelijk de koning
neerleggen, want vaak volgt er de winnende zet.
Ook
Hans Soeteman heeft een leuke eigenschap. Voordat hij een zet doet zit hij in
gedachten verzonken met zijn hand plus pen onder zijn kin over het bord gebogen.
Als hij de zet doet, doet hij dit zo stevig dat voor het materiaal gevreesd mag
worden. Hij pakt namelijk het stuk en plant het letterlijk op het veld van
bestemming. Daar beweegt hij het nog eens extra heen en weer. zodat het bijna
wel door het bord moet schieten of afbreken.
André
Kastelein begint helemaal te glunderen als hij een goede zet in gedachten heeft.
Als hij de zet heeft uitgevoerd, lacht hij en kijkt triomfantelijk om zich heen.
Hij knikt zelfs naar mensen, zo op de manier van: "Ik heb 'em hoor, maak je
om mij maar geen zorgen."
Cor
Wassenaar zit met zijn armen over elkaar naar het bord te turen. Vervolgens
buigt hij zich langzaam voorover en begint met zijn ogen denkbeeldige lijnen
over het bord te trekken onderwijl dingen mompelend in de trend van: "Ja, ja, dat kan. Oh ja, dat doet 'ie dat, dat kan dus
niet. Als hij het met zichzelf eens begint te worden gaat hij knikken. Zoveel te
meer hij het met zichzelf eens is, zoveel te harder
gaat hij knikken, totdat hij tenslotte een zet doet.
Eeuwit
Santifort zit altijd te fluiten of te neuriën en Johan Dijkstra heeft altijd de
grootste lol als er een vernietigende zet wordt gedaan. Of dat nu door hemzelf
is of door zijn tegenstander maakt niets uit. U moet zelf maar eens opletten,
het geeft echt humor onder het schaken.