J. Westhoeve
(Ouddorp, 1993)
In
dit inmiddels jaarlijks terugkomende artikel hebben we deze keer een interview
gehouden met Jaap Westhoeve. Op vrijdagavond 19:30 werden we door hem ontvangen
in zijn muziekkamer, waar hij juist een jeugdige leerlinge orgelles gegeven had.
We
vroegen Jaap van wie hij het dammen eigenlijk geleerd had?
Van
mijn vader. Bij ons thuis deden we graag allerlei spelletjes. Mijn vader deed
graag dammen. Hij heeft Samen met Eeuwit van de Huubjes en Maart van Piet van
Sjors de damclub opgericht. Dat was al in de jaren '30. Toen ik 10 jaar oud was
kon ik al vrij goed dammen en ik ging ook al vrij snel op de club. De toenmalig
Nederlands kampioen Huisman was een kennis van mij. Van hem heb ik ook veel
geleerd.
Jaap
herinnert zich nog goed de locaties waar de club gevestigd
geweest is.
Wij
zijn begonnen bij Jan de Kapper in een van de panden aan de Weststraat die nu
van Keesje Bok zijn. Daarna zijn we verhuisd naar de Oude School waar nu De
Kreek zit. Daarna naar Bouwman wat nu hotel Duinzicht is en toen naar het oude
verenigingsgebouw aan de stationsweg. Toen dit weg moest liet de gemeente ons in
de steek en zij we bij Simon in de Bonte Koe terecht gekomen. Het is daar altijd
gezellig. Ook doordat de dammers en schakers bij elkaar zitten. De ene keer hoor
je eens een opmerking van de ene kant en dan weer van de andere en niemand
vindt dit erg. Dat moet toch ook gewoon kunnen. Ik zou niet graag
weg gaan bij de Bonte Koe. Ook voor Simon zou ik het niet leuk vinden als
we weggingen.
Jaap,
je bent vele jaren kampioen van Ouddorp geweest en je draait nog steeds goed mee
in de top. Heb je ook nog andere damresultaten bereikt?
Ja,
ik ben in de jaren 1958 en 1959 kampioen van Goeree-Overflakkee geweest. Ik had
nog mee kunnen doen met het kampioenschap van Zuid-Holland, maar dat heb ik
nooit gedaan. Dammen moet een hobby blijven en de verre reizen naar Den Haag had
ik hier niet voor over. Ik denk toch niet dat ik hier wat bereikt zou hebben,
want juist in Zuid-Holland zitten de goede dammers. Dan zou je tegen de
wereldkampioen uit moeten komen, want die woonde toen in Zuid-Holland en dan
maak je natuurlijk geen schijn van kans.
In
het seizoen 1970/71 was je voor het laatst kampioen van Ouddorp. Waarom ging het
vanaf toen net iets minder?
Ik
kreeg het druk met mijn zaken. Met de winkel in de koolweg en met de nieuwe
winkel de Massa Markt aan de Molenweg. Dammen is mijn hobby, maar de zaken gaan
voor. Als je het druk hebt dan gaat dit toch ten koste van je damprestaties. Er
zijn op de club meerdere voorbeelden van mensen die nadat zij het wat rustiger
aan gingen doen plotseling veel beter gingen dammen. Maar al had ik meer tijd
aan het dammen besteed dan had ik toch niet veel meer bereikt. Je moet je eigen
niveau niet overschatten en dat geldt niet alleen voor het dammen. Zo weet ik
van mezelf dat ik absoluut nooit kampioen van Zuid-Holland had kunnen worden.
Een andere reden dat ik geen kampioen meer ben is toch zeker ook mijn leeftijd.
Ik heb mijn hoofd nog goed bij mekaar maar toch merk je dat de leeftijd een rol
speelt. Dit wil niet zeggen dat je dan maar moet stoppen. Mijn vader heeft
bewezen dat je op hoge leeftijd nog lang kan dammen. Hij heeft tot zijn 88'ste
op de club gezeten en damde ook thuis veel tegen zijn damcomputer. Een
damcomputer dat is niks voor mij, ik heb liever een echte tegenstander.
Nog
een reden waarom ik waarschijnlijk geen kampioen meer wordt is dat ik nogal eens
remises speel tegen mensen waar ik eigenlijk van zou moeten winnen. Dat is een
groot verschil met mensen zoals Visbeen, die gegarandeerd winnen van iemand die
zwakker is. Toch spelen Visbeen en ik bijna altijd remise regen elkaar.
Onder
het genot van een pilsje praat Jaap verder en kaart even zijn (wellicht)
grootste hobby aan.
Bij
muziek speelt de leeftijd je geen parten. Zolang je oren nog goed zijn, blijf je
daarin vooruitgaan. Er zijn vele voorbeelden van musici die steeds beter worden,
ook nog op hoge leeftijd.
Muziek heeft in onze familie altijd een belangrijke plaats ingenomen. Ik heb de
interesse overgenomen van mijn vader en Piet weer van mij. Piet heeft er
uiteindelijk ook zijn beroep van gemaakt.
Terug
naar het dammen.
Jaap, besteed je thuis veel tijd aan
het voorbereiden of analyseren van partijen?
Nee, ik doe er thuis eigenlijk niets aan. Af en toe speel je natuurlijk wel eens met je kleinkinderen en een enkele keer komt Piet van Dam wel eens een avondje bij mij dammen.
Alleen
na de clubavond lig je op bed nog wel eens een partij te overdenken en dan maakt
het niets uit of ik gewonnen of verloren heb. Soms schrik ik me half in de nacht
dood. Dan denk ik als hij die ene zet anders gedaan had dan had ik eraan gegaan.
Ex-clublid
Dirk Sperling is Jaap na al die tijd duidelijk nog niet vergeten.
In
de begindagen van de club speelden we nog onder klokken. Als je dan tegen Dirk
Sperling moest dammen kon je er wel een paar dagen voor uittrekken. Dirk is een
lange denker en dat irriteerde vele mensen. Ik kan me nog een partij herinneren
tegen hem die drie volle avonden duurde. De laatste avond waren we absoluut van
plan de partij af te maken. We waren dan ook om half drie 's nachts pas klaar.
Hij heeft het ook gepresteerd om een kwartier na te denken over de eerste zet
van wit.
Je
hebt toch wel eens tegen Jannes van der Wal gedamd?
Jazeker.
Op mijn 65e verjaardag hadden mijn kinderen een verassing voor mij in petto. Zij
hadden Jannes van der Wal gevraagd om een potje met mij te komen dammen. Je
begrijpt dat ik natuurlijk geen schijn van kans had, maar het is wel een
prachtige ervaring om tegen een (ex-)wereldkampioen te spelen en dan gewoon bij
jezelf thuis. Het is overigens een aardige man ook al is hij misschien wel een
beetje bijzonder.
Jaap,
bedankt voor dit gesprek.
Voor ons vertrek mogen we nog even de muziekzaal zien en Jaap geeft een korte
orgeldemonstratie.
Klik hier voor andere interviews
Jaap Westhoeve damkampioen van
Flakkee 1957/58. Lees
het verslag
Jaap Westhoeve damkampioen van Flakkee 1958/59. Lees
het verslag