A.J. Kastelein
(Goedereede, 1994)
In ons jaarlijks terugkerende interview was het nu de beurt aan André Kastelein, een kleurrijk figuur op onze vereniging, om eens iets over zichzelf te vertellen.
Hoe
ben je met schaken in aanraking gekomen?
Op
mijn dertiende heb ik het geleerd van mijn nichtje. Op de Havo ben ik pas
fanatiek gaan spelen. Voor de hele school waren er maar zes borden. In de pauzes
was het dus sprinten om een bord te veroveren. Ik ben toen ook korte tijd lid
geweest van een vereniging in Delft. In 1981 of 1982, ik het niet precies meer,
ben ik lid geworden van Ontspanning nadat ik een aantal jaren niet gespeeld had.
Dat was nog in de tijd dat we in het verenigingsgebouw speelden.
Speel
je nog wel eens op school?
Ja.
Ik speel regelmatig een vluggertje met Arie Baas. Zo'n 2 a 3 keer per week.
Verder zijn er eigenlijk geen collega's die de sport beoefenen, behalve misschien
Hans Dolieslager, die ook wel eens lid is geweest.
Heb
je nog andere hobby's buiten het schaken?
Ik
lees veel en een grote hobby van mij is de oudheid. Ik ben dan ook lid van een
aantal commissies en stichtingen die zich b.v. bezighouden met monumenten en
dergelijke. Schaken is wel belangrijk. Het is zelfs zo dat als er een
vergadering van een of andere commissie is dat ze er rekening mee houden dat ik
op maandag niet kan.
Je
stijl is gerust wild en aanvallend te noemen. Je hebt hier al prachtige
overwinningen mee behaald, maar ook vreselijke nederlagen. Heb je er nooit aan
gedacht dit te veranderen?
Ik
vind het heerlijk om een enorm risico te nemen in een partij. Als ik een
bepaalde stelling moet kiezen uit een degelijke stelling voortzetting of een
zeer onduidelijke zet waar de wildste dingen mee gebeuren, kies ik voor het
laatste. Iemand als Arie werkt dan ook aanstekelijk op mij: hij neemt ook wel
eens risico, waarna ik een nog grotere neem. Als ik door zo'n bewust risico
verlies vind ik dit helemaal niet erg.
Soms
heb je van die partijen b.v. tegen Krijn, die in elkaar gebreeën worden tot een
gecompliceerde stelling. Meestal zie ik het dan niet goed meer en is het BAM; we
zien wel waar het schip strandt. Als zoiets lukt is het natuurlijk genieten
geblazen. Ik heb wel eens aan Jan Grinwis gevraagd of het schaken ook in de
hemel zal zijn, waarop hij antwoordde dat het daar vandaan komt.
Het
is waarschijnlijk een open deur intrappen, maar doe je wel eens iets aan
theorie?
Nee!
ik leer door mijn fouten en door veel te schaken. Uit een boekje is het absoluut
niet leuk voor mij. Ook tegen een computer zie ik niet zitten. Zo'n ding ziet
elk foutje feilloos, terwijl een mens nog wel eens een enorme blunder over het
hoofd ziet. Althans, als ik zo'n blunder maak hoop ik daarop.
Ik ben jaloers op
mensen als Cor, die zoveel openingskennis in huis hebben. Je kunt daar vast
voordeel mee behalen. Maar ik ben nu eenmaal een intuďtieve schaker.
En
het naspelen van je eigen partijen?
Ook
niet. Ik noteer uiteraard wel, maar de boekjes liggen her en der door het huis
verspreid. Ik kijk er eigenlijk nooit meer naar, ook niet als ik verloren heb.
Wat ik ook beslist niet kan is het terughalen van een partij uit het hoofd, b.v.
bij het evalueren. Er zijn mensen die dan maar af en toe in hun boekje hoeven te
kijken, maar ik heb het constant nodig.
Heb
je spelers waar je bang voor bent om tegen te spelen?
Tja,
wat is bang? Kijk spelers als Krijn, Hans en Adam heb ik niet graag. Zij
proberen je met voorzichtig spel te wurgen en denken vaak lang na over een in
mijn ogen zeer saaie zet. Ik verlies dan ook regelmatig van dit soort spelers,
wat natuurlijk hun verdienste is.
Ik
lig nooit wakker van een verloren partij maar als ik zo'n wurgpartij verlies wil
ik 's avonds op bed nog wel eens nadenken. Ik geloof ook absoluut dat het
karakter van iemand in zijn spel is terug te vinden. Daarentegen vind ik het
heerlijk om tegen spelers als Dijkstra te schaken. Dijkstra interesseert het ook
niets als hij 1 of 2 pionnen achter staat. Hij gooit alles op de aanval en als
dat lukt wint hij, ook al staat hij een dame achter. Ik vind het ook jammer dat
hij niet meer in de top kan meedraaien.
Tenslotte:
wat vind je van onze club?
Zeer
gezellig. Als locatie is de Bonte Koe misschien iets te krap maar we moeten daar
zolang als het gaat blijven spelen. We zijn de laatste jaren natuurlijk lekker
gegroeid maar de combinatie met de dammers geeft zo'n aparte, gezellige sfeer.
Dat moet gehandhaafd blijven. Ik vind het ook vreselijk als een partij niet door
kan gaan of op het laatste moment wordt afgebeld. Het jeugdschaak is perfect. Ik
hoop dan ook dat de jongeren hierdoor in de toekomst bij de senioren zullen
komen.
Vind
jij als leraar, het schaken goed voor de algemene ontwikkeling?
Schaken
moet je zien als ontspanning. Ik geloof niet dat er mensen zijn die door het
schaken beter gaan rekenen of zoiets, ook kinderen niet. Het heeft dus geen
invloed op ander zaken.